DE ZENDER IS ACTUEEL EN RELEVANT MAAR BEKLIJFT NIET

310b3da19a020bf8602986505eb457f35f5db10a

Gezien try out 2 april Toneelschuur Haarlem

In het donker komen twee, duidelijk dronken, mannen op. Het zijn Bill, een bekende nieuwslezer en Eric, zijn hoofdredacteur. Het herkenbare stemgeluid van Stefan de Walle en Jaap Spijkers die deze personages vertolken in De Zender werken meteen op de lachspieren. De Zender gaat over de onstuimige en bedrijvige wereld van een nieuwsredactie in de jaren ’70. Mingus Dagelet, Rick Paul van Mulligen en Laurien van Rijswijk vormen de redactie van dit nieuwsprogramma. We zien een studio met een desk en bureaus met panelen en apparatuur uit die tijd en een drumstel. Bill en Eric halen gemoedelijk herinneringen op, praten over de dalende kijkcijfers en het ontslag van de nieuwslezer. Als Eric naar huis gaat en spijt betuigt dat hij niet voor die beslissing is gaan liggen, blijft Bill alleen achter, zich voorbereidend op zijn laatste week.

Michael ( Dagelet) neemt plaats achter het drumstel en lijkt het instrument op te warmen. Er volgt een dynamische opkomst van de andere redactieleden Bob (Van Mulligen) en Sandra (Van Rijswijk) op prikkelende slagwerkmuziek. De redactie is op elkaar ingespeeld totdat Bill in de nieuwsuitzending aankondigt om op zijn laatste dag zelfmoord te plegen tijdens de uitzending. De hele redactie en zender staan op zijn kop. Hoofdredacteur Eric is meteen ter plaatste en de grote baas Harry (Jochum ten Haaf) van ACNT die de zender net heeft gekocht komt als een testosteronbom de studio binnen draven. Wat ze nog niet weten is dat de kijkcijfers enorm zijn gestegen door de aankondiging van Bill en dat is waar Laura (Hannah Hoekstra) verschijnt en de gemoederen kalmeert. Zij kan van Bill een kijkcijferkanon maken door het publiek te geven wat ze willen horen. Bill wordt ‘de woedende profeet die de hypocrisie aan de kaak stelt’.

Alles ten dienste van de kijkcijfers, maar in het klein komen de individuele belangen ook naar voren. Michael die zijn ideeën voorlegt aan Laura om hogerop te komen, Sandra die zichtbaarder wordt omdat zij als eerste aan de voeten van de nieuwe profeet ligt. Bob raakt zijn structuur kwijt en verafschuwt alles wat Bill doet, maar volgt braaf de opdrachten op omdat hij niet anders kan. Laura en Eric komen in een smakeloze affaire terecht die Laura van begin tot eind regisseert. Wij als publiek worden in de regie ook meegenomen op het moment dat Bill zijn eigen show live op televisie krijgt. We worden aangesproken door Bill en zijn leuze: ‘ik ben kwaad en ik pik het niet langer’ scanderen we met zijn allen.

De geweldige cast speelt de personages tot in het detail uit. De zuchtjes van Bob en zwijmelde blikken van Sandra, de scriptmatige en gehaaide manier waarop Laura haar leven leidt. De ‘oude’ mannen Bill en Eric die hier niet meer tussen lijken te passen, hoewel Bill zich de rol van profeet in een split second eigen maakt. De Walle doet dit met verve. Van Mulligen speelt een aantal dubbelrollen waaronder die van Mister Kane, de allerhoogste baas van ACNT, die hij als een Godheid neerzet die letterlijk en figuurlijk groeit en alles overheerst. De uitmuntende zang en muziek die de voorstelling voorziet van ritme en dynamiek is een extra puntje op de i.

Ondanks alle ludieke vondsten en relevantie, geweldige cast en intens spel beklijft deze voorstelling gek genoeg niet. Ik vraag me af waar het mee te maken heeft. Komt het door het onderwerp: de vluchtige wereld van de media die met de dag bepaald wat in is. Er gebeurt veel in deze voorstelling en de ontwikkeling gaat razendsnel, waardoor het oppervlakkig blijft en niet echt raakt. Wat blijft hangen is een reeks van indrukwekkende fragmenten die niet op hun plek kunnen vallen.

Donderdag 7 april Première!            http://www.toneelschuurproducties.nl/de-zender/

De Zender is een coproductie van Toneelschuur Producties en het Nationale Toneel en is een theaterbewerking  van de film Network uit 1976.

 

DE ZENDER IS ACTUEEL EN RELEVANT MAAR BEKLIJFT NIET

DE FREUDJES, GEEN FAMILIE IS GENADELOOS EN HILARISCH OPRECHT

dbcf7d90-6e14-48a5-997f-4c29378105d4

Gezien première 19 maart, Toneelschuur Haarlem

Mugmetdegoudentand geeft drie vrouwen het podium in De Freudjes, geen familie. Lineke Rijxman, Ariane Schluter en Karina Smulders spelen de drie Freudjes, zussen Mathilde, Anna en Renée, die allen op hun eigen manier hard werken het leven vorm te geven. Van zelfreflectie is geen sprake behalve op de heftige breekpunten.  De verzorger, het slachtoffer en de carrièrevrouw tegen wil en dank worden fysiek, emotioneel en tekstueel zonder meer treffend neergezet. Dit zorgt voor tranen van het lachen en diepe ontroering.

We zien een doodgewone huiskamer in het huis van Mathilde. Een trap naar boven waar de onzichtbare moeder in een kamertje ligt na een beroerte. Een kleine sofa, een eettafel, een keukenblok en een dressoir vol met schone lakens en een voorraad voedsel. Anna (Schluter) logeert bij Mathilde na een heftige break met haar man, Hugo, die niet is vreemdgegaan, maar haar heeft ingeruild voor een jongere versie van haarzelf. Mathilde (Rijxman) zorgt op bijna mechanische wijze voor haar zieke moeder en staat bij aanvang de korstjes van een wit bolletje te halen met een dromerige blik in haar ogen. Anna vertelt iets over wat ze leest, ze wil een blinde-geleidepup, maar het dringt nauwelijks tot Mathilde door. Totdat de bel gaat en Renée, de jongste, voor de deur staat. ‘Lieve, gekke Freudjes van me’, ze maken alle drie een krachtige knijpbeweging met de vuisten en daar staan ze. De introductie van de zussen is glashelder.

De tekst van Joan Nederlof heeft een meesterlijke timing en de regie van Lineke Rijxman is er een met briljante vondsten: de manier waarop Mathilde en Renée de verrassing voor Anna, die Hugo voor de deur achterlaat, een tijd verbergen. De pillendoos die doorgenomen wordt en wat ze wanneer het beste kunnen nemen. De euthanasie die besproken wordt door Anna en Renée en de beweegredenen om het door te zetten en Mathilde daarin te laten toestemmen. Ze manipuleren elkaar voortdurend en wisselen elkaar in als een andere medestander gunstiger is, want dat ze voor hun eigen belang gaan is klaar. Toch hebben ze behoefte elkaar echt te zien en van elkaar te houden. Ondanks de weerstand doen ze een verwoede poging dat ook echt te laten lukken. Het overlevingspatroon kan kort aan de kant gezet worden. Alles veranderd of toch niet. Het wanhopig mooie einde met Mathilde op de trap met het pakje hopjesvla blijft me dat doen afvragen.

Rijxman, Schluter en Smulders hebben de zussen bestaansrecht gegeven met al hun neuroses, projecties en overlevingspatronen. Dit hebben ze krachtig en vol mededogen gedaan. Het niet naar elkaar luisteren en in hun eigen mantra blijven steken is hilarisch uitvergroot, maar genadeloos herkenbaar. De verwarring die over de euthanasie ontstaat bij Mathilde zie ik niet aankomen, alsmede haar sadistische trekjes niet en hoe zit dat nu met de kinderen van Anna?

De oprechtheid waarmee deze personages zijn vormgegeven blijft me bij. En respect voor Mathilde die tot slot niet meer wil luisteren naar de lawine van woorden van Anna en de kruimeldief naast haar oor zet totdat zij uiteindelijk ook vertrekt. De paradox van verrast worden door de personages die tegelijkertijd aan alle verwachtingen van het type voldoen is de voedingsbodem voor mijn onophoudelijke lach en de ontroering die vooral Mathilde bij me oproept. Deze voorstelling werkt louterend en is een absolute aanrader.

http://www.mugmetdegoudentand.nl/voorstelling/92/de-freudjes-geen-familie

DE FREUDJES, GEEN FAMILIE IS GENADELOOS EN HILARISCH OPRECHT

HET PURMERENDER STADSTONEEL HOUDT DE BOOG STRAK GESPANNEN TIJDENS HET DINER

diner

Gezien 18 maart, de Purmaryn in Purmerend

Het vraagt naar mijn idee veel moed om een niet eenvoudig stuk zoals Het Diner op de planken te brengen als amateurgezelschap. Het is een voorstelling bij uitstek waar je geen steken kan laten vallen omdat je als speler behoorlijk in je hemd staat. De vijf spelers van het Purmerender Stadstoneel hebben het aangedurfd met regisseuse Debby Dubbeld en ze zijn er zeker in geslaagd.

Michel Bart, Conny van der Wal, Pieter Wijker, Marianne van Os en Cees Wingelaar hebben met veel enthousiasme en overtuigingskracht de familie Lohman en gérant, uit het restaurant waar Het Diner plaatsvindt, gespeeld. De twee broers, Paul en Serge (Bart en Wijker) zijn beide karakteristieke persoonlijkheden en van oudsher benaderen zij situaties op een uiteenlopende manier die behoorlijk botst. Zo ook deze avond, als het gaat om een uit de hand gelopen incident waarbij een dakloze vrouw overlijdt. Hun beider zoons zijn bij deze gebeurtenis betrokken. In eerste instantie denkt Paul dat hij de enige is die van dit incident afweet, maar die kaarten liggen heel anders. Iedereen is druk bezig zijn of haar versie en herkomst van het verhaal onder de tafel te houden totdat Serge vindt dat er over iets gesproken moet worden. Geruime tijd doen alle personages of er niets aan de hand is en heeft ieder zijn eigen manier om ermee om te gaan. Dit leidt tot pijnlijke en hilarische momenten, zoals bijvoorbeeld de voicemail die Paul afluistert op de telefoon van zijn zoon. Die telefoon zit zogenaamd per ongeluk in zijn zak en zijn vrouw heeft een boodschap ingesproken die duidelijk met het incident van doen heeft. De zoon moet overtuigt worden dat het beste is dat vader van niets weet. Het geheel loopt uiteraard gigantisch uit de hand en gaat vooral Claire (van der Wal) nietsontziend te werk om de toekomst van haar zoon te redden.

De diversiteit van de spelers die elkaar complementeren in dynamiek is de kracht van deze voorstelling. De onrust en nervositeit van Paul met daartegenover de krachtige rust van Serge. De doelgerichte houding van Claire tegenover het labiele karakter van Babette. Soms wordt er naar mijn gevoel net iets té veel gespeeld waardoor de tekst niet tot zijn recht komt en de speler uit de bocht vliegt, maar de teugels worden snel weer aangetrokken en iedereen zit weer in het zadel. Wijker heeft om die reden op mij indruk gemaakt omdat hij de constante factor in het geheel is. Zijn naturel en oprechte spel zijn voor mij een baken in het geheel. Wingelaar zorgt als gérant voor de vrolijke noot en de ontspanning wat de gemoederen even doet bedaren.

De inzet van filmbeelden door regisseuse Dubbeld zorgen voor een inkijkje in het leven van de personages en hun relatie en geeft mij even een andere focus dan alleen maar de vele tekst, hoewel het filmpje iets korter mag duren. De krachtige muziek geeft het geheel een dramatisch duwtje. De versterking van het restaurantgeluid tijdens een paniekaanval van Paul is één van de vele goede vondsten. De boog stond door alle elementen constant gespannen wat mij voortdurend geboeid houdt. Een mooie prestatie.

foto: Ella Tilgenkamp Fotografie

HET PURMERENDER STADSTONEEL HOUDT DE BOOG STRAK GESPANNEN TIJDENS HET DINER

KONING ARTHUR VAN THEATER TERRA MAAKT HOOGGESPANNEN VERWACHTING NIET HELEMAAL WAAR

Gezien 13 maart Stadsschouwburg Amsterdam

Koning Arthur spreekt tot ieders verbeelding. De jonge Arthur die zonder krachtsinspanning het zwaard uit de rots trekt en daarmee de nieuwe koning van het land wordt. Koning Arthur is niet persé de sterkste, de slimste of de meest sluwe koning. De meest rechtvaardige koning is hij wel. In de voorstelling van Theater Terra is dit fysiek helder weergegeven en zijn de polen Goed en Kwaad in spanning en ontspanning zeer voelbaar. Af en toe een kneep in mijn hand als de heks Morgan, gespeeld door Babbe Groenhagen, haar duistere krachten laat gelden. Zij speelt de meest gelaagde en krachtige rol. De rest van de rollen blijven wat oppervlakkig.

Koning Arthur, gespeeld door Jason de Ridder, is een ietwat naïeve jongen die schriel oogt naast zijn broer (Dennis Willekens). De broer is robuust en overtuigt van het feit dat hij het zwaard uit de rots zal trekken. Als dat niet zo blijkt te zijn is hij steun en toeverlaat van Arthur. Door een list van Merlijn, de tovenaar, kan Arthur ontsnappen aan de duistere heks Morgan om hulp in te roepen haar te verslaan. Als zij erachter komt dat Arthur de échte koning is doet zij er alles aan hem te vernietigen. Arthur heeft veel hordes te nemen op zijn weg. Met behulp van Guinevere (Maud Schoonen) en haar beschermheer (Job Bovelander) ziet Arthur in dat hij het niet alleen kan.

Een mooie moraal, maar de personages blijven ééndimensionaal waardoor het een plat verhaaltje is. De kracht van Theater Terra om met poppen en andere attributen het verhaal levendiger te maken was nu een zwakte. Er wordt te veel gewisseld van spelers achter de pop die de tovenaar Merlijn verbeeldt waardoor het rommelig oogt en daardoor is de poppenspeler té zichtbaar. De verbeelding van het paard was een prachtige vondst maar ook daar was de uitvoering rommelig.

Koning Arthur begint spannend en krachtig als Morgan haar duistere krachten ontdekt. Groenhagen blijft tijdens de gehele voorstelling de dragende kracht en daarom is het bijna jammer dat Morgan verslagen wordt. Het lied ‘Mama is thuis’ is overweldigend mooi en ook de zang van Willekens blies me uit mijn stoel. Iets meer body en minder rommelige wisselingen zouden het vloeiender maken en de kracht van Theater Terra meer tot zijn recht laten komen.

https://theaterterra.nl/kindervoorstellingen/koning-arthur/

KONING ARTHUR VAN THEATER TERRA MAAKT HOOGGESPANNEN VERWACHTING NIET HELEMAAL WAAR

MUM’S THE WORD VAN CECILIA MOISIO IS SPANNEND, VERSTIKKEND EN GEESTIG

Mums_The_Word_Cecilia_Moisio_Foto_Jamain_Brigitha_DSC_1727_web
????????????????????????????????????

 

Gezien vrijdag 4 maart Theater Bellevue

Wat is dat toch met moeders en dochters. Waarschijnlijk de meest beschreven relatie, maar het blijft een ondoorgrondelijke relatie. Choreografe Cecilia Moisio laat met krachtige beelden, spannende dans en rake woorden de essentie van de moeder-dochter relatie zien in Mum’s the word. ‘Just be with me’, een zinnetje wat aan het eind wordt uitgesproken door danseres Katerzyna Sitarz lijkt de subtekst te zijn van alle verwachtingen en geboden die door de drie generaties in deze voorstelling onversneden worden getoond. De voorstelling Mum’s the Word was afgelopen weekend te zien in Theater Bellevue met naast Sitarz, Soosan Gilson, Yulia Kalinchenko, Sylvia Poorta en op beeld Arnica Elsendoorn aan wie deze voorstelling werd opgedragen. Met het plan voor deze voorstelling won choreografe Cecilia Moisio de prijs van de Nederlandse Dansdagen in 2014 en in oktober 2015 ging de voorstelling in première.

De letterlijke betekenis van Mum’s the word betekent stil zijn of je mond houden. Het woord Mum betekent stil en kan afgeleid zijn van het Engelse woord mummer wat pantomimespeler betekent. Het is terug te herleiden naar een zin uit Henry VI van William Shakespeare: ‘seal up your lips and give no words but mum.’ Moisio geeft deze titel betekenis in alle lagen van de voorstelling. Zowel moeders als dochters lijken zich geen raad te weten met de relatie en spreken zichzelf toe met ‘relax’ als de ander in beeld komt. In dagelijkse handelingen als lakens vouwen en de tafel dekken komt het dwangmatige en manische terug van het goed willen doen en de ander willen behagen en de frustratie die dat oplevert. In de kern willen ze elkaar leren kennen, weten wie de ander is maar de verwachting van de eigen moeder ligt als een sluier over alles heen. Alle generaties ondervinden hinder van deze sluier en Moisio geeft dit confronterend weer in de cycli van het leven door projecties van de seizoenen, verbeelding van geboorte en sterfte en de beeldschone dochter die door te menstrueren haar plekje in het Paradijs verliest als Eva die van de appel eet. De klok tikt gestaag door. Het is ontroerend als ze intiem zijn, schokkend als dit verstoort wordt door manipulatie of jaloezie. De choreografie en het spel zijn intens en ik zit vaak met tranen op mijn wangen.

Vooral Poorta en Kalinchenko maken op mij indruk. De wanhoop en de machteloosheid zijn van de gezichtsuitdrukking af te lezen. De bewegingen van Kalinchenko zijn doordrenkt van hoop en kracht alles te geven voor deze relatie en de ogen van Poorta lichten op zodra er enige toenadering schijnt. Alle vier zijn ze moedig in hun spel en dans, nergens geven ze op hoe uitzichtloos het soms ook lijkt. De vormgeving is helder en loopt parallel met het spel, choreografie en de cycli. Alles klopt aan deze voorstelling. De filmbeelden van Elsendoorn en het opdragen van de voorstelling aan haar zetten het geheel kracht bij. De band tussen moeder en dochter is oneindig en zit verankerd in je.

http://ceciliamoisio.com/2015/08/27/mums-the-word/

 

MUM’S THE WORD VAN CECILIA MOISIO IS SPANNEND, VERSTIKKEND EN GEESTIG

DE WERELDVERBETERAAR VAN TONEELSCHUUR PRODUCTIES ONTROERT DOOR HET SPARTAANSE

De Wereldverbeteraar_foto Annaleen Louwes_webversie

Gezien op 20 februari, try-out Toneelschuur Haarlem

De Wereldverbeteraar van Thomas Bernard kan gezien worden als een langgerekte klaagzang waar de filosoof rondjes blijft draaien rond hetzelfde probleem, maar dat is het zeer zeker niet. In deze regie van Erik Whien raak ik betrokken bij de hoofdpersoon in iedere betekenis van het woord. Ik houd van hem en ik haat hem, hij irriteert me mateloos en maakt me boos, maar hij is ontroerend in zijn onvermogen en daarom ga ik het aan.

De Wereldverbeteraar is een donker stuk en gaat over het onvermogen van een filosoof om contact te maken met de wereld om hem heen. Hij haat alles en iedereen, noemt de mensen in de buitenwereld delinquenten die uit zijn op zijn vernietiging.  Voortdurend leeft hij in de tweestrijd tussen liefde en haat. De hartstocht voor de wereld drijft hem diezelfde wereld zo intens te haten.

Hij ontvangt deze dag een eredoctoraat van de universiteit, in het bijzonder voor zijn geniale traktaat waarin hij schrijft over het verbeteren van de wereld. De hoge heren komen naar zijn huis omdat hij kampt met een zwakke gezondheid. Zijn levensgezellin, die we in deze enscenering niet ontmoeten, maar er wel is helpt hem waar ze kan en wordt desondanks vaak gekrenkt. Den Hartogh staat de gehele voorstelling voor een afscheiding van zwart plastic die in het midden over de breedte van het podium hangt. Het licht bevindt zich aan de achterkant en zwelt soms aan waardoor er iets meer zicht op Den Hartogh is. Hij staat op dezelfde plek, verandert alleen soms van richting. Het is een intens schouwspel wat juist door het statische veel vraagt. Iedere kleine beweging is raak, het zenuwachtige wrijven van de vingers over elkaar, het steeds langzaam bollen van zijn rug waar figuurlijk de hele wereld op ligt. Hij houdt intens van die wereld. Hij houdt ook intens van zijn levensgezellin.

Den Hartogh zit klem in de filosoof, de filosoof zit klem in zijn lichaam en in zijn gedachten, het lichaam zit klem in het huis. Het donkere van zijn gedachten wordt prachtig weergegeven door hoe het decor is opgebouwd of eigenlijk is leeggehaald. We zien geen huis verbeeldt, we zien geen andere personages, we krijgen het zien door de gedachten van de filosoof en de gesprekken met zijn levensgezellin. Hij zit vast in zijn twijfel. ‘De domoor verwezenlijkt, de twijfelaar van uiteen, labyrintisch..’ Een prachtige gedachte van de filosoof, zoals hij al zijn gedachten en twijfels met ons deelt, waarmee hij me afstoot en aantrekt.

Hij is hard voor zichzelf, Spartaans en daarmee legt hij zijn onvermogen meesterlijk bloot waardoor hij me ontroert. Den Hartogh gaat het aan en blijft staan in deze uiterst spannende rol. Het lijkt me een krachtmeting met de tekst, het personage en de enscenering om de woede en de hartstocht naar de oppervlakte te laten komen. Den Hartogh geeft op meesterlijke wijze inzicht in de gedachten van De Wereldverbeteraar.

http://www.toneelschuurproducties.nl/de-wereldverbeteraar/?gclid=CPHvs6TTi8sCFVIW0wod4NAINg

 

 

 

DE WERELDVERBETERAAR VAN TONEELSCHUUR PRODUCTIES ONTROERT DOOR HET SPARTAANSE

WISH YOU WERE HERE – DE WELWILLENDEN VAN JONATHAN LITTELL

Yes, I have a choice. Met deze geruststellende gedachte verliet ik de zaal van de Stadsschouwburg maandagavond na de programmaserie Wish you were here van Toneelgroep Amsterdam, waar het deze avond ging over De Welwillenden van Jonathan Littell. Deze roman bracht en brengt veel teweeg door de toonzetting en het perspectief. Toneelhuis Antwerpen en Toneelgroep Amsterdam brengen een bewerking van deze roman ten tonele onder regie van Guy Cassiers met onder andere Hans Kesting als Max Aue, Alwin Pulinckx, Bart Slegers, Jip van den Dool en Abke Haring.

De Welwillenden vertelt het verhaal van een SS-officier Max Aue tijdens de Tweede Wereldoorlog die betrokken is geweest bij liquidaties van joden, politieke tegenstanders en later in Auschwitz werkzaam was. Het daderperspectief zijn we niet gewoon en de hoofdpersoon wil ons verleiden te geloven dat wij hetzelfde zouden hebben gedaan. De meningen zijn erover verdeeld of dat de intentie van de schrijver Littell is geweest. Het kan ook gelezen worden vanuit het idee hoe iemand zichzelf een rad voor ogen draait.

Bart van der Boom, historicus en een van de sprekers, zet uiteen dat er vijf redenen zijn waarom daders doden. De reden die wij het liefst horen is dat ze allemaal psychopaten en sadisten zijn omdat we ons daar gemakkelijk van kunnen distantiëren. Natuurlijk zitten die er tussen, maar een andere verklaring is dat de mens toch een sociaal wezen is en toegeeft onder groepsdruk. Ze willen zich conformeren en geen outsider zijn. In de roman valt Max Aue in de eerste categorie. Hij beschikt al over een voorliefde voor geweld en heeft psychopathische trekken. In de voorstelling van regisseur Cassiers wordt hij socialer neergezet en worden zijn overwegingen en diepere lagen zichtbaar.

Connie Palmen, schrijfster en ook spreker deze avond, belicht het daderperspectief en de Tweede Wereldoorlog vanuit de werking van de ideologie en hoe deze als een vorm van dressuur werkt. Het verhaal achter de ideologie wordt uiteraard gebracht als de enige waarheid en hoe meer mensen hierin geloven en ze een groep vormen op basis van dat geloof en eventueel andere kenmerken waarop ze worden aangesproken zijn ze te drillen. De ophitsende oorlogsretoriek creëert een personage van de vernederde Duitser in dit geval en de groep ziet aan het eind een glorieus einde wat hen wordt voorgespiegeld. Er bestaan geen individuen meer en de mensen worden inwisselbaar. De roman in het algemeen, de goede roman, geeft ons onze individualiteit terug en doet een beroep op het vermogen je los te maken van deze verkondigde waarheid. Boeken zijn er om ons te veranderen en de roman blijft je eraan herinneren dat je een individu bent. Niet voor niets worden er schrijvers verbannen en boeken verbrand. Daarnaast haalt ze het Milgram-experiment aan waarbij vijftig procent van de proefpersonen elektrische schokken blijven uitdelen aan zogenaamde leerlingen, zelfs totdat ze helemaal niet meer reageren. De andere vijftig procent doet uiteindelijk de armen over elkaar en zeggen Yes, I have a choice en zwichten niet voor de mensen in witte jassen met autoriteit die het tegengestelde beweren.

Boris Noorderbos, literatuurwetenschapper, haalt onder andere het verslag van Hannah Arendt over het proces tegen Eichmann aan en stelt de vraag wat er gebeurt als je daders een podium geeft. Eichmann krijgt de rol van melodramatische schurk door het theatrale karakter van het proces. Terwijl Eichmann geen sadist was maar juist verschrikkelijk normaal zonder buitengewone motieven behalve dan motieven die zijn carrière zouden dienen, wat beangstigender is.

 ‘….Als u geboren bent in een land en in een tijd waarin niemand uw vrouw en kinderen komt vermoorden, en waarin ook niemand u komt vragen andermans vrouw en kinderen te vermoorden, prijs dan de Heer en ga in vrede. Maar vergeet dit nooit: u hebt misschien meer geluk gehad dan ik, maar dat maakt u nog niet tot een beter mens. Zodra u zo hoogmoedig bent om dat te denken, wordt het gevaarlijk…’  

Job Cohen, voorzitter 4 en 5 mei-comité, sluit zijn rede af met dit citaat uit de roman De Welwillenden en het stemt tot nadenken. Het gegeven blijft dat het moeilijk is in te schatten wat je zou doen als je in een oorlogssituatie terecht komt. Ik houd me vast aan Yes, I have a choice en ben zeer nieuwsgierig naar de voorstelling van Toneelhuis Antwerpen en Toneelgroep Amsterdam die 10 maart in première gaat en vanaf 6 april in Amsterdam te zien is.

http://tga.nl/voorstellingen/de-welwillenden/speellijst

 

WISH YOU WERE HERE – DE WELWILLENDEN VAN JONATHAN LITTELL

DE PINDAKAASPRINS IS VERRASSEND DYNAMISCH

 

gezien: Première 7 februari Philharmonia Haarlem

Holland Baroque, Orkater en Oorkaan zijn na een jarenlange wens de samenwerking aangegaan in de vorm van de familievoorstelling De PindakaasPrins. De leden van Holland Baroque verzamelen zich op het toneel in blauwe poncho’s en paraplu’s op hun hoofd en ik verheug me op het samenspel tussen de muzikanten en acteurs. Op de projectieschermen achter het toneel regent het geïllustreerde druppels. De muzikanten spelen het geluid van de regendruppels en het waait hard. Er was eens-niet zo heel lang geleden-een straat waar het altijd regende, dag in dag uit. In de straat stond een huis, waar altijd ruzie was. In het huis woonde een gezin: een vader, een moeder en drie kinderen: Esmaraldadina, Valentijntino en Jaak.

Het verhaal van De PindakaasPrins neemt ons mee in het leven van de drie kinderen die de voortdurende regen en de aanhoudende ruzie meer dan zat zijn. Ze denken de veroorzaker van de regen gevonden te hebben in een wijze man die woont achter het nieuwe flatgebouw, achter het winkelcentrum, achter de speeltuin in het bos. Ze klimmen op een nacht uit het raam en gaan naar hem op zoek. Langs diverse sprookjes, de reus van Klein Duimpje en lieve heksen in een snoephuisje raken ze elkaar onverhoopt kwijt in het bos. Valentijntino verdwijnt in een put en Esmaraldadina wordt opgesloten in een toren. Stoere Jaak voelt zich alleen en bevrijdt Valentijntino uit de put en kust Esmaraldadina wakker als ze versteend raakt na ontsnapping uit de toren. Dat uiteindelijk alles goed komt hoort bij een sprookje.

Maartje van de Wetering, Kaspar Schellingerhout en Erik van der Horst spelen respectievelijk Esmaraldadina, de oudste, Valentijntino en Jaak, de jongste. Met hun krachtig heldere spel zetten ze direct hoog in bij het voorstellen van de personages en dit houden ze vast tot het eind. Het huis heeft een stevige fundering. Drie kinderen met ieder uitgesproken kenmerken die tot de verbeelding spreken. Van der Horst als Jaak, die door zijn aanstekelijke enthousiasme en geestdrift een waarachtig stoere jongste is. De aandoenlijke Valentijntino die bemiddelt en de harmonie wil bewaren, en Esmaraldadina, een tabletverslaafde oudste zus die een beetje dominant is, maar voor iedereen het beste wil. Als ze gaan staken zijn ze vastberaden en eensgezind, uiteindelijk tenminste, want de strijd tussen de oudste en de jongste kan niet onbelicht blijven. Het vertelperspectief in de derde persoon schept ergens enige afstand, maar is ook herkenbaar als kinderen hun spel of vertelling samen vorm geven.

Het geheel ondersteund door bestaande muziek van onder andere Bach en Händel en nieuwe composities door Judith en Tineke Steenbrink en van der Horst, die een harmonieus geheel vormen met het spel, de tekst van Freek Vielen en de illustraties van Catharina Scholten. De choreografieën van Pim Veulings verwerkt in de voorstelling zijn innemend en kloppend, vooral de haka die ze met zijn drieën doen om de draak te verslaan is indrukwekkend. Bovendien worden alle rekwisieten vernuftig ingezet als muziekinstrument, kledingstuk of gebruikt in een choreografie.

Het is een muzikaal levendige, virtuoze en betoverende voorstelling met een uitgesproken helderheid. De regisseuse Ria Marks heeft met de veelheid aan elementen een prachtig geheel gesmeed en de mogelijke overdaad tot een overzichtelijke en transparante voorstelling teruggebracht waardoor alles op zijn plek valt.

foto’s Ben van Duin

https://www.orkater.nl/voorstelling/de-pindakaasprins

DE PINDAKAASPRINS IS VERRASSEND DYNAMISCH

DE REVISOR VAN HET NATIONALE TONEEL IS EEN SPEKTAKEL

232c3e91-4708-4d44-a189-9557a5a8a6fd

In de Koninklijke Schouwburg in Den Haag was ik gisteravond, 28 januari, getuige van een groots spektakel, de Revisor van het Nationale Toneel. Een heel groot deel van het ensemble speelde in deze bijna drie uur durende voorstelling geschreven door Nikolaj Gogol, geregisseerd en bewerkt door Theu Boermans. Gogol schreef dit stuk in 1836 en Boermans haalt het naar deze tijd waarin het nog steeds actueel blijkt en dezelfde psychologische processen de mens parten spelen.

In het programmaboekje staan fragmenten van een essay van Nabokov over de Revisor en daarin vertelt hij dat het stuk begint met een bliksemschicht en eindigt met een donderslag. Het geladen moment daartussenin is de tijd waarin het stuk zich afspeelt, onder voortdurende hoogspanning. Boermans heeft dit verbeeld met een groot stalen bouwwerk met tralies die voorzien zijn van ontelbare lichtjes. Het bouwwerk is ingedeeld in ruimtes door getraliede hekken die omhoog en omlaag kunnen. Het knettert van de spanning bij wisseling van scènes. Het beeld van gevangenis doemt uiteraard op, maar ook van een reservaat, een klein dorp in de middle of nowhere waar eigen regels gelden. Hoe hoog de spanning is blijkt direct als de burgemeester de gemeenteraad bijeen roept in zijn huis en aankondigt dat er een revisor op komst is. Alle leden van de raad inclusief de burgemeester zijn in alle staten, want allemaal zijn ze betrokken bij frauduleuze praktijken. Vanaf dat moment worden de intriges, geheime verhoudingen en menselijke zwakheden steeds meer zichtbaar.

Het is een klucht, een komedie, een satire met een ondertoon die er niet om liegt. Een ode aan de verbeelding en aan het onvermogen van de mens. In de symboliek van de dieren in de musical de Ark van Noach die gerepeteerd wordt voor een dorpsuitvoering zien we de spiegelbeelden metaforisch uitvergroot en zien we in wat voor poppenkast ze (en wij) leven. De kwetsbaarheid van de mens en de onschuld zien we terug in de personages Osman (Mark Rietman) en Miesje (Hannah Hoekstra) die ondanks alle ogenschijnlijke beperkingen hun eigen weg gaan en de redders blijken te zijn. Een broodnodige tegenkleur in het geheel van gespannen leugenachtige personages. Oprecht en ontroerend transparant neergezet door Hoekstra en Rietman.

We zien wat we willen zien en Olaf de Heer, de revisor en in werkelijkheid theatermaker, is een meester in het voeden van dat beeld. Heel gelaagd en meeslepend gespeeld door Joris Smit. Hij blijkt ook een soort biechtvader te zijn nadat hij zich gepresenteerd weet als de Messias die het stadje behoedt voor de val. En iedereen heeft zijn zinnen gezet op de Heer. De gedetailleerdheid en timing van de gehele cast maakt deze voorstelling ook tot een ode aan het ambacht acteren. Alle genres worden omarmt om deze bewerking vorm te geven, van klucht tot musical tot tragedie en worden virtuoos gespeeld en zijn ingenieus ingepast in deze voorstelling de Revisor. Het dialect van de Brabanders en de taalachterstand van Osman zijn geestig zonder iemand belachelijk te maken. Nergens vliegt iemand uit de bocht terwijl het geheel, in alle uitbundigheid, daartoe wel kan uitnodigen.

Alle elementen en lagen die het benoemen waard zijn passen niet in een korte recensie zoals deze. Ik kan alleen aanraden deze grenzeloos hilarische voorstelling te gaan zien en deze ode aan het ambacht en verbeelding te omarmen. Wat betreft het tonen van het onvermogen van de mens; we kijken niet alleen in de spiegel, we gaan door de spiegel heen.

http://www.nationaletoneel.nl/derevisor

 

DE REVISOR VAN HET NATIONALE TONEEL IS EEN SPEKTAKEL

WACHTEN OP DE BARBAREN VAN TONEELSCHUUR PRODUCTIES EN KORZO

Wachten-op-de-barbaren-Toneelschuur-Producties-en-Korzo-producties-foto-Sanne-Peper-4-e1453470487162-691x463

Afgelopen donderdag, 21 januari, ging Wachten op de Barbaren in première in de Toneelschuur Haarlem. Deze voorstelling is een samenwerking tussen Toneelschuurproducties en Korzo waar theater en dans samensmelten in dit verhaal, geschreven door J.M. Coetzee, geregisseerd en gechoreografeerd door Michiel de Regt en Iván Pérez. Zaterdagavond, 23 januari, zag ik de voorstelling. Het beginbeeld oogt sprookjesachtig met sneeuw die voor mijn voeten naar beneden dwarrelt. In een seconde verandert het in een spookbeeld, wat meteen angst aanjaagt en intrigeert.

De verteller, acteur Jan Paul Buijs, trekt me uit het spookbeeld met de woorden ‘ik heb nog nooit zoiets gezien’. De voorstelling opent met Kolonel Joll die op bezoek is bij de magistraat van een klein dorpje aan de grens van het Rijk om toe te zien op de veiligheid en de mogelijke vijand, de Barbaren, die nadert. Het leven kabbelt voort in dit dorp. Angstdromen over de Barbaren ontstaan door een te bezadigd leven. Angst voor het onbekende en angst voor verlies. Kolonel Joll vaardigt een bevel uit dat de Barbaren moeten worden vervolgd en een aantal mensen worden opgepakt en ondervraagd. Dit is het begin van de verandering in het leven van de magistraat die onherroepelijk is.

De voorstelling pakt de actualiteit bij de strot omdat er een vijand gecreëerd wordt die koste wat kost vernietigd moet worden en ik vraag me constant af wie nu de Barbaren zijn. De combinatie van vertelling en dans werkt goed omdat de dans beeldend maakt wat de magistraat ondergaat. Omdat Buijs mij niet altijd overtuigd in zijn vertelling over wat hij ervaart en ondergaat zijn de drie danseressen voor mij zijn alter ego’s die zijn beleving verder uitspelen. De drie danseressen Inés Belda Nachér, Majon Schot en Orla Mc Carthy werken samen met Buijs op de letterlijke en figuurlijke grens van intimiteit, bedreiging en veiligheid. De letterlijke grens, aangegeven in het decor, waarachter de Barbaren zich bevinden en de figuurlijke grens van lichamelijke intimiteit en de bedreiging van wie je bent. De danseressen zoeken in hun solo’s ook de fysieke grenzen op. De dans is krachtig en maakt de dreiging zichtbaar die de magistraat en de bevolking ondergaat, wat tegelijkertijd heel kwetsbaar oogt. De danseressen laten door de kleinste beweging een hele wereld zien. Het landschap verandert door de danseressen en zijzelf worden ook steeds naakter. Duetten zijn soms erotisch en groepsdansen een worsteling. Door een kleine wijziging in kleding en beweging is een van hen een Barbarenmeisje of zijn ze samen een inheemse groep, die dierlijk over het podium beweegt. Voor de rolwisseling van Buijs is een mooie simpele vorm gevonden en de manier waarop het Barbarenmeisje aan het woord komt maakt schrijnend duidelijk hoe weinig stem de Barbaren in dit verhaal hebben.

De dans versterkt de vertelling en dat heeft Buijs af en toe nodig omdat ik de magistraat soms niet helemaal geloof in wat hij ziet. Mogelijk kan het door de literaire taal komen, die soms wat gekunsteld overkomt maar die hij wel heel ritmisch en helder overbrengt. Ik weet het niet, maar het totaalbeeld, de muziek en deze combinatie van dans en theater hebben mij wel geraakt. Hoe in zo’n korte tijd een vreedzame samenleving onderworpen wordt aan een angstbeeld is tragisch realistisch en deze voorstelling laat heel precies zien hoe zo’n projectiemechanisme in het groot werkt.

http://www.toneelschuur.nl/theater-productie-dans/wachten-op-de-barbaren

WACHTEN OP DE BARBAREN VAN TONEELSCHUUR PRODUCTIES EN KORZO