BRUTUS, HET KLOPPEND HART VAN JULIUS CAESAR

web_2607cul-julius-caesar-002

Gezien première 3 augustus 2017, het Amsterdamse Bostheater

In het Amsterdamse Bostheater is de première van Julius Caesar, een productie van Orkater en de Amsterdamse Schouwburg, geregisseerd door Michiel de Regt. Op dit prachtige podium in het Amsterdamse Bos ziet het decor er indrukwekkend uit met vanuit de vier windstreken een pad naar het midden podium met daarop een kleuterstoeltje, wat de troon van Caesar blijkt te zijn. Vol bravoure en flamboyant komt Julius Caesar (Mattias Van De Vijver) de trap af aan de achterzijde af, alsof hij een catwalk oploopt. Duistere figuren als kraaien of vleermuizen houden Caesar amicaal vast, maar het amicale is onbetrouwbaar. Meteen staat helder vast dat dit verhaal niet goed kan aflopen. De stevige wind en invallende schemering geven dit een extra lading.

Het verhaal van Julius Caesar gaat in deze regie niet over het opkomend populisme en de autoritaire leider die daar de vruchten van plukt, maar over de tegenstanders van dit populisme die de macht weer in de handen van het volk wil leggen. Brutus (Matthijs van de Sande Bakhuyzen) voert deze tegenstanders aan, verleidt door Cassius (Charlie-Chan Dagelet). Cassius zweept Brutus op om Caesar te vermoorden en speelt in op zijn geweten. Brutus is de vertrouweling en goede vriend van Caesar. Hij houdt veel van hem, maar meer van Rome. Hij gaat mee in het plan van Cassius. Brutus is de nobele held die een innerlijke strijd levert tussen hoofd en hart.

De andere vertrouwelingen van Caesar, Marcus Antonius (Jip van den Dool) en Casca (Erik van der Horst) zijn dubbelzinnig in de liefde voor Caesar. Marcus Antonius wreekt de moord op Caesar, maar enkel en alleen om zelf de macht te verwerven. Toch kiest Marcus Antonius in zijn monoloog bij de begrafenis van Caesar krachtig en oprecht partij voor Caesar terwijl hij Brutus niet afvalt. Hij blijft herhalen hoe nobel Brutus is. Maar wat is die nobelheid waard als Caesar het toch zo goed met het volk voor had? Dat blijft in deze voorstelling ook steeds in het midden. Wat is goed en wat is kwaad? Voor wie zou ik kiezen? Van den Dool is in deze voorstelling degene die zijn rol het meest leeft. Om de kwaliteiten van de andere acteurs niet in twijfel te trekken, maar zij blijven qua rol nog aan de oppervlakte. Juist omdat het stuk in de kern over Brutus gaat zou ik meer van zijn hartenpijn willen zien. Ik hoor zijn gevecht aan maar het is lastig meevoelen. Het blijft enigszins op afstand. Wie uit deze oppervlakte wel steeds de kop opsteekt is Amarenske Haitsma. Zij speelt Calpurnia, de geliefde van Caesar. Daarnaast is ze Julius, de kreupele bediende van Brutus en Metellus Cimber, één van de bondgenoten van Brutus. Zij is een verfrissende opvallende bloem die de voorstelling zonder meer van kleur voorziet.

De vondsten in het samenspel met de muzikanten van K.O. Brass! zijn geniaal. Als één harmonieus geheel spelen de acteurs en muzikanten hun spel en muziek en tillen ze elkaar op. De instrumenten spelen hun eigen spel als bijvoorbeeld de uitzinnige menigte bij de paardenrennen als Caesar zijn kroon tot drie maal toe weigert. De ontroerende koorzang tijdens de moord op Caesar bezorgt me kippenvel. Mede omdat de moord een fraai gechoreografeerd geheel is. Zo zitten er in de gehele voorstelling visueel en dramatisch veel aantrekkelijke momenten. Het beeld van Caesar dat bloed spuwt, het overlijden van Cassius, Casca’s geestige présence en de openingsmonoloog van de kleine Caesar om er maar een paar te noemen. Het geheel is prachtig aan elkaar gesmeed, alleen het hart mag nog iets sneller gaan kloppen.

foto: Ben van Duin

https://www.orkater.nl/voorstelling/julius-caesar#speellijst

BRUTUS, HET KLOPPEND HART VAN JULIUS CAESAR

237 REDENEN OM DOOR TE GAAN

237redenenomdoortegaan-lageveenwitte-01-691x463

gezien 24 februari, theater Bellevue

Een intiem, confronterend, ontnuchterend en bovendien zeer geestig portret van twee mannen die ofwel de dood omarmen als deel van het leven of deze juist willen bezweren door allerlei doelen te stellen. De dood heeft voor ieder een andere rol gehad in het leven die tekenend is voor hoe ze er nu mee omgaan.

Leopold Witte die op vrije middagen op een hoogtepunt vier begrafenissen afwerkt, van vreemden welteverstaan. Geert Lageveen die op alle mogelijke manieren het leven viert en juist begrafenissen uit de weg gaat. Witte lijkt in eerste instantie de zwartkijker, die vindt dat ze op hun retour zijn en in hun laatste fase verkeren. Lageveen is de opgewekte, die niet eerder in een betere fase zat. De leidraad is een gesprek na hun vorige voorstelling, 237 redenen voor seks, waar Witte de dood als onderwerp voor het vervolg opwerpt, ‘na de seks, de dood.’ Zoals verwacht sputtert Lageveen tegen en wat volgt is een zelfonderzoek. De voorstelling heeft in wezen niets en tegelijkertijd alles met dood te maken. Ze spelen ermee, schuren ertegen aan en vragen zich af wat het betekent. Voor mij hebben ze het juist over het leven, halen ze er beide uit wat ze eruit kunnen halen, ieder op hun unieke wijze. De muziek uit de jaren ‘60, ‘70 en ‘80 beweegt mee en zij versterken de lading door hun spel. Witte is onnoemlijk geestig als hij zijn oude vader speelt in het ziekenhuis, of als hij samen met Lageveen na een begrafenis in de aula staat en een bitterballetje wegwerkt. Het natuurlijke contrast tussen de twee mannen is tot in de puntjes uitgewerkt en confronteert met de route die eindig is. Het alternatief wat personage Theo biedt is letterlijk en figuurlijk uitzichtloos, dus had Lageveen hem toch moeten laten liggen zoals Witte zou doen?

De twee acteurs ontvangen het publiek zelf bij de zaaldeur en Witte gaat na aanvang kort de interactie met het publiek aan. Dit zorgt voor een intieme sfeer waarop het universele van de dood en het leven rusten kan. De twee sterke acteurs behouden hun eigenheid in het omgaan met het onvermijdelijke. De voorstelling swingt van begin tot eind en dat komt maar voor een klein gedeelte door de muziek. Lageveen en Witte zijn prachtig op elkaar ingespeeld en creëren hun eigen unieke melodie.

http://www.theaterbellevue.nl/voorstellingen/237-redenen-om-door-te-gaan/dinsdag-28-maart/20_30_00/

237 REDENEN OM DOOR TE GAAN

ORKATER LAAT WEDEROM ZIEN WAAROM ZE NIET GEMIST KAN WORDEN

Donna Donna, Orkater | Lidwien Roothaan

Gezien try-out 4 november 2016, Toneelschuur Haarlem

In het ontroerend rauw portret, Donna Donna van Orkater, over rouw met een lichte omlijsting laten Ria Marks, Yara Alink en Lieke Rosa Altink ons de relatie zien tussen drie vrouwen die een man als verbindende factor hebben. Ria Marks speelt Pam, de moeder van Donna, door Yara Alink. Tien jaar geleden zagen zij elkaar voor het laatst toen Donna, na de scheiding, besloot bij haar vader te blijven. In deze voorstelling is deze man fysiek afwezig, maar neemt desondanks veel ruimte in, vooral bij Coco (Lieke Rosa Altink), zijn huidige vrouw. Zij is voortdurend bang dat hij gestoord wordt of zich zorgen gaat maken om wat hij hoort. Hij lijdt enorm onder heimwee naar zijn thuisland Italië en kan er emotioneel niets bij hebben. Maar gespaard blijft niemand in deze intense voorstelling Donna Donna, geregisseerd door Lidwien Roothaan. Soms vervreemdend dan weer beklemmend maar nergens sentimenteel of over the top.

Het decor oogt speels en verwart enigszins door de diverse alledaagse gebruiksvoorwerpen die aan het plafond hangen. De muzikanten Martin Fondse, Morris Kliphuis en Dirk-Peter Kölsch trappen af en zetten direct de toon. De dreiging dringt zich op en Marks en Altink verdiepen met een poëtische dialoog het duister wat ze als een sluier over Alink heen gooien. De telefoon gaat. Niet letterlijk, Alink vertelt ons over het moment dat ze telefoon hoort overgaan en dat de klank van de telefoon het onheil al voorspelt. De tekst, geschreven door Peer Wittenbols is van een fraaie, geestige eenvoud waardoor de schok beeldend wordt gemaakt. Van daaruit ontrolt zich een rouwproces bij Donna, die voor haar naasten niet te hanteren is. Coco roept de hulp in van Pam, die in wezen haar dochter niet kent. Geen van allen lijken ze het rouwproces echt serieus te nemen omdat ze nog zo jong is en hij haar niet trouw was. Zij staat als een huis en weet precies te verwoorden hoe het voor haar is. De virtuoze muzikale compositie maakt haar rouw rauwer of verlicht soms zachtjes de donkere uithoeken. Het spel op de hoorn maakt op mij diepe indruk. Alink klimt en tijgert en hangt in de lamp, niet om te feesten maar om alles eens op te schudden. ‘Alles voelt onecht, ikzelf voel onecht, behalve mijn man, dat die dood is, dat is echt.’

De boog van het verhaal omvat de seizoenen die er vaak overheen moeten om de rouw af te matten. In die boog komen moeder en dochter dichter bij elkaar, worden zaken uitgesproken maar nemen niet de overhand. Door juist daarover weinig uit te spreken is de pijn voelbaar die ze beiden hebben ervaren in het gemis van elkaar. Coco blijft daar buiten. Ze blijft degene die de man en de vader van het gezin heeft afgepakt en wordt verder niet echt serieus genomen. Haar gedrag bevestigt dit ook. Haar motieven blijven onduidelijk, waarom ze niet in staat is om Donna te troosten, waarom ze ooit met haar vader is getrouwd en nu nog steeds bij hem is. Ik voel geen verbinding met de anderen. Marks en Alink geven daarentegen de teksten en handelingen van hun personage een noodzaak waardoor ze mij helemaal inpakken en ik kan ze kan volgen of ze nu cynisch, rechtlijnig of totaal niet empathisch zijn. Ik ben geroerd door Marks die kijkt naar haar dochter als ze samen op de bank zitten. ‘Door jouw geboorte kreeg ik krullen.’

Orkater brengt met deze muzikale voorstelling Donna Donna  een verrassend ontroerend en helder poëtisch verhaal over mensen die worstelen met zichzelf en anderen. Doen wat ze denken te moeten doen om het te redden en zich niet altijd realiseren dat ze niet hoeven te berusten in wat hen overkomt. Donna berust niet en blijft niet hangen in de pijn. Ze ziet het onder ogen. De zoveelste prachtig eenvoudige boodschap die Orkater cadeau geeft.

https://www.orkater.nl/voorstelling/donna-donna

foto: Ben van Duin

ORKATER LAAT WEDEROM ZIEN WAAROM ZE NIET GEMIST KAN WORDEN

METAMAN, DÉ BELOFTE VOOR DE TOEKOMST

Metaman, Goldmund/Orkater
Metaman, Goldmund/Orkater, spel, concept, tekst en muziek : Wilko Sterke, Thijs Maas, regie : Titus Tiel Groenestege, decor en kostuums : Janne Sterke, spel (stage) : Sascha Bornkamp, Myrthe Huber, Emma Linssen, Carmen van Mulier, Anne Reitsma,Milan Sekeris, Bastiaan Vandendriessche, Minne Koole, assistent decor en kostuums: Nelli Bodt, decoratelier: Emiel Veken, lichtontwerp: Stefan Dijkman, geluidsontwerp: Robert van Delft, productie: Feline Schoonhoven, techniek: Steven Raapis Dingman, Emiel Rietvelt, Bram Anneveldt (stagiair), Douwe Bulten (stagiair)

gezien Première 29 september Toneelschuur Haarlem 

Metaman, de nieuwe voorstelling van Goldmund, een coproductie met Orkater, is een oord voor bezinning, geruststelling en reflectie op het menszijn. Een nieuwe kerk met een nieuwe God en andere gebeden dan in ons collectief geheugen opgeslagen zitten, afhankelijk vanuit welke geloofsstroming je bent opgevoed. Maar dat doet er allemaal niet meer toe. We zijn allemaal mens, het is vandaag donderdag, maar waarom heet het eigenlijk donderdag, en we hebben allemaal ouders. Er zijn meer facetten die ons binden dan ons scheiden, maar hoe maken we verbinding en wat is daarin ons houvast. Daar gaan Wilco Sterke en Thijs Maas naar op zoek, want in het theater worden de grote filosofische thema’s onderzocht, net als bij de oude Grieken.

Sterke en Maas leggen ons uit wat het idee van deze voorstelling is en wordt. Ze, en vooral Sterke, missen een houvast in het leven, een richting en een missie hebben ze niet. Hoe mooi zou het zijn een missie in het leven te hebben die houvast biedt. Vroeger hadden we de oude God, de man met de baard die ons geschapen heeft en waar we in gedachten verantwoording aan aflegde. Hij is van zijn spreekwoordelijke sokkel gevallen, daarom een nieuwe sokkel die gedurende de voorstelling in diverse vormen gegoten wordt. Het zaallicht blijft aanvankelijk aan, we worden compleet betrokken bij de zoektocht omdat we namelijk allemaal een houvast missen. De mannen zijn elkaars tegenpool waar Sterke onrustig oogt en vertelt over zijn verlangen naar een houvast, oogt Maas krachtiger en minder ongedurig in zijn gemis. Hij denkt het liefst eerst na over welke richting op te gaan, Sterke begint gewoon ergens.

Ze introduceren een koor, zoals bij de Grieken, die de mening verkondigt van het volk, de buitenstaander of de gedachten verwoordt van de hoofdpersoon. Het koor bestaat uit stagiaires, jonge acteurs van diverse toneelopleidingen. Door Sterke en Maas geestig, een beetje spottend geïntroduceerd, maar deze acteurs van de toekomst laten zich niet omver blazen. Zij verwoorden de gedachten van de hoofdpersonages en zijn vooral het verlengstuk of alter-ego van Sterke en Maas. De teksten van Sterke en Maas zijn meesterlijk en de regie van Titus Tiel Groenestege is vloeiend. Choreografisch is de voorstelling flexibel en bovendien lenig zoals de eerste monoloog dat woord gebruikt in termen van sfeer. Sfeer werkt verbindend en hoe we in die context lenig moeten zijn om de sfeer die heerst recht te doen. En zo volgen er nog prachtige monologen, dialogen en uitingen van gedachten die ontnuchterend zijn en relativerend werken, maar niet echt ergens toe leiden. Milan Sekeris, een van de koorleden, opent de eerste Wereldvergadering en brengt op haast kinderlijke wijze punten naar voren die ons allen raken. We lachen om de onnozele houding van de spreker, maar zijn punten zijn ongemakkelijk. Het is vanzelfsprekend wat hij zegt. Hij speelt het spanningsvol en eerlijk. Ook van de anderen was ik onder de indruk: Minne Koole, Bastiaan Vandendriessche, Anne Reitsma, Carmen van Mulier, Emma Linssen, Myrthe Huber, Sascha Bornkamp. Namen die de toekomst zijn en hebben.

Het geheel is betoverend mooi door de ontroerende zang, krachtige muziek en sterke, geestige tekst. Filosofisch goed doordacht en onderbouwd, met uiteindelijk een heldere conclusie. Metaman is er voor iedereen. Het onderscheid tussen mensen zit niet in de diepte, want in de basis lijken we allemaal op elkaar. Daar zit een missie voor de toekomst.

https://www.orkater.nl/voorstelling/metaman

foto: Ben van Duin

 

METAMAN, DÉ BELOFTE VOOR DE TOEKOMST

DISTEL ONTWIKKELT ZICH SPANNINGSVOL DOCH BEHOUDEN

distel-orkater-21

Gezien Première 17 mei, Stadsschouwburg Haarlem

De nieuwe voorstelling van Orkater, geschreven door Rob de Graaf en geregisseerd door Michiel de Regt, vertelt over een universeel thema: de verstikkende omhelzing die familie heet. Deze familie komt bij elkaar tijdens een vernissage waar het portret van de vader, Wolfgang Distel, onthuld wordt. Distel is twee jaar geleden overleden. Het portret is prominent aanwezig en de indringende blik op het portret komt direct binnen. De oudste zoon Colt, gespeeld door Jan-Paul Buijs en de moeder Adelheid, Juul Vrijdag, zijn al aanwezig. Het orkest begint met lichte muziek, het decor is helder door de lichtgroene bomen en het zonlicht wat er doorheen schijnt. Colt en zijn moeder dragen het portret met zich mee. De zwaarte die daardoor voelbaar wordt contrasteert mooi met de omringende lichtheid. ‘Ik zou vandaag niet komen’, uit Colt ongemakkelijk en in voortdurende herhaling  wat ontwapend werkt. ‘Ik ben toch maar even langsgegaan, maar eigenlijk ben ik er dus niet’. Zijn kleurloze outfit, zenuwachtige trekjes en een moeder die niet reageert en in fel rood gekleed is geven duidelijk de status van beiden weer.

Als de jongste broer Semper (Mattias van de Vijver) zich bij het gezelschap voegt wordt duidelijk wat de rol van hun vader is geweest in de levens van de zoons. Voor Semper een prachtvader en voor Colt heeft hij nooit bestaan. Zoals Colt voor zijn vader ook nooit heeft bestaan. Wolfgang Distel was een belangrijk filosoof die een status hoog te houden had. Colt draagt de last van het er niet mogen zijn nog elke dag met zich mee. Semper zegt volwassen te zijn geworden, maar woont al wel jaren ver bij het gezin vandaan. In België, Wommelgem om precies te zijn, waar Colt meerdere malen de nadruk op legt. Hij voelt zich duidelijk in de steek gelaten. De moeder Adelheid spreekt indirect, via Colt, tegen Semper. Zij kan duidelijk de letterlijke en figuurlijke afstand niet overbruggen. Daar komt bij dat Semper in een rolstoel zit, mogelijk speelt dat in het contact ook een rol voor de moeder. Zij is een vooraanstaand persoon. Semper zegt alles onder controle te hebben, maar als hij hysterisch begint te huilen betwijfel ik dat. Met intimiteit weten ze zich alle drie geen raad.

Dan verschijnt Trui (Jacqueline Blom), de vroegere, een beetje truttige assistente en minnares van Distel. Zij moet verdwijnen, maar eist zachtzinnig haar plek op. Zij wil met de familie zijn voordat de andere gasten binnen komen. Vanaf dat moment verandert de dynamiek. Trui breekt dingen open, gaat de intimiteit aan met de twee jongens voor zover ze dat toelaten en openbaart de reden van de zelfmoord van Distel, waar moeder liever over spreekt als ware het een ongeluk. De jongens kunnen de openheid aan en vooral Colt lijkt erbij te gedijen. Toch blijft het een hakkelend proces waarbij ieder het verlies en gemis van Distel een plek probeert te geven. Met sarcasme en ironie over Distel en elkaar, maar soms ook harmonisch waarbij ze investeren om elkaar te horen en te zien. Al moet iemand twintig keer iets herhalen, ze geven niet op.

Allemaal zijn ze een beetje beperkt, fysiek en/of emotioneel omdat ze de last meedragen van de relatie met Distel en het verlies van deze man. In de dans met de rolstoelen zijn ze voor mij gelijk en kunnen ze, evenredig verdeeld, Distel dragen op hun schouders. De prachtige melancholische muziek en de rol die het portret van Distel speelt geven inzicht in de rouw van deze vier mensen. Het is een voorstelling die stemt tot nadenken door de eenvoud en de behouden koers, wel met het voelbare risico dat het ergens in kan zakken. Nergens schuurt het écht of leidt iets tot een stevig conflict. Desondanks houden de acteurs en muzikanten de spanning gezamenlijk goed vast en vormen ze een eenheid in betrokkenheid. Jan-Paul Buijs is voor mij absoluut de drager van het stuk door zijn humor, zijn sterke fysiek en de zichtbare ontwikkeling die zijn personage doormaakt. Uit iedere porie druipt het sarcasme en de pijn van het niet aanwezig kunnen zijn, toch lijkt deze pijn verlicht als de vernissage daadwerkelijk aanvangt.

https://www.orkater.nl/voorstelling/distel

DISTEL ONTWIKKELT ZICH SPANNINGSVOL DOCH BEHOUDEN

HET GELUKZALIGE VAN ALEX VAN WARMERDAM IS OM VAN TE SMULLEN

maxresdefault

Gezien 30 april Stadsschouwburg Utrecht

Als ik naar iets ga kijken van Alex van Warmerdam maakt een gevoel zich van mij meester alsof ik een groot cadeau mag gaan uitpakken. Gisteravond zat ik dan ook handenwrijvend in mijn stoel met een ‘kom maar op’-gevoel. Het cadeau wat ik kreeg heb ik met bewondering en verwondering bekeken. De voorstelling Het Gelukzalige is wederom een samenwerkingsverband tussen De Mexicaanse Hond/Orkater en Olympique Dramatique/Toneelhuis en vertelt het verhaal van een vennootschap van dieven die elke ochtend de stad intrekt om in de avond terug te keren met hopelijk een goede buit.

Alex van Warmerdam creëert een wereld met eigen codes waarbinnen de leden van de vennootschap leven en werken. Brouwer, gespeeld door Annet Malherbe, bestiert de boel en zorgt ervoor dat iedereen zich aan de codes houdt. Ze is informant van Van Henegouwen (Tom Dewispelaere) die feitelijk de baas is hoewel de buit afgegeven wordt bij Brouwer. Van Henegouwen heeft in theorie een relatie met Hensen (Eva van de Wijdeven), maar behalve uit de jaloezie van Van Henegouwen blijkt uit niets dat er van een relatie sprake is. Hensen is verliefd op Mulder (Geert van Rampelberg) en dat is wederzijds. Problematisch, want een van de codes van de vennootschap verbiedt echte liefde. Enig gevoel of sentimentaliteit is uitgesloten. Als dat gebeurt, schaadt dat de vennootschap. Seks daarentegen, met iedereen en met allerhande gebruiksvoorwerpen, is geoorloofd. Dit zien we meerdere malen in schaduwspel op hilarische wijze, zeer afstandelijk, gebeuren. Dat is ook wat de vennootschap kenmerkt, de afstand. Iedereen wordt benoemd met de achternaam en De Vries ( Ben Segers) doet daar een schepje bovenop en praat voortdurend over zichzelf in de derde persoon. Ik vermoed omdat hij neutraal wil blijven, maar hij is de enige die, desgewenst, overal van op de hoogte is. Hoe ontwikkelt de liefde tussen Hensen en Mulder zich en schaadt dat uiteindelijk de vennootschap?

Het werk van Van Warmerdam en in dit geval Het Gelukzalige geeft mij de ruimte om mijn eigen fantasie en verbeelding los te laten op de maffe personages die in deze surrealistische werkelijkheid terecht zijn gekomen. Waar komen ze vandaan en waarom zijn zij hier? Dit zijn vragen waar de voorstelling geen antwoord op geeft, behalve bij Hensen krijgen we iets van een achtergrond te zien als haar zus Bonarius (Eva van der Post) een nieuw lid van de vennootschap wordt. De dialogen zijn scherp, de uitvoering strak en de personages maken mij bloednieuwsgierig. Het Gelukzalige is totaal wat het is. Het is groots op een manier zoals alleen Alex van Warmerdam kan neerzetten. Van dit cadeau geniet ik nog lang na.

https://www.orkater.nl/voorstelling/het-gelukzalige

HET GELUKZALIGE VAN ALEX VAN WARMERDAM IS OM VAN TE SMULLEN

DE PINDAKAASPRINS IS VERRASSEND DYNAMISCH

 

gezien: Première 7 februari Philharmonia Haarlem

Holland Baroque, Orkater en Oorkaan zijn na een jarenlange wens de samenwerking aangegaan in de vorm van de familievoorstelling De PindakaasPrins. De leden van Holland Baroque verzamelen zich op het toneel in blauwe poncho’s en paraplu’s op hun hoofd en ik verheug me op het samenspel tussen de muzikanten en acteurs. Op de projectieschermen achter het toneel regent het geïllustreerde druppels. De muzikanten spelen het geluid van de regendruppels en het waait hard. Er was eens-niet zo heel lang geleden-een straat waar het altijd regende, dag in dag uit. In de straat stond een huis, waar altijd ruzie was. In het huis woonde een gezin: een vader, een moeder en drie kinderen: Esmaraldadina, Valentijntino en Jaak.

Het verhaal van De PindakaasPrins neemt ons mee in het leven van de drie kinderen die de voortdurende regen en de aanhoudende ruzie meer dan zat zijn. Ze denken de veroorzaker van de regen gevonden te hebben in een wijze man die woont achter het nieuwe flatgebouw, achter het winkelcentrum, achter de speeltuin in het bos. Ze klimmen op een nacht uit het raam en gaan naar hem op zoek. Langs diverse sprookjes, de reus van Klein Duimpje en lieve heksen in een snoephuisje raken ze elkaar onverhoopt kwijt in het bos. Valentijntino verdwijnt in een put en Esmaraldadina wordt opgesloten in een toren. Stoere Jaak voelt zich alleen en bevrijdt Valentijntino uit de put en kust Esmaraldadina wakker als ze versteend raakt na ontsnapping uit de toren. Dat uiteindelijk alles goed komt hoort bij een sprookje.

Maartje van de Wetering, Kaspar Schellingerhout en Erik van der Horst spelen respectievelijk Esmaraldadina, de oudste, Valentijntino en Jaak, de jongste. Met hun krachtig heldere spel zetten ze direct hoog in bij het voorstellen van de personages en dit houden ze vast tot het eind. Het huis heeft een stevige fundering. Drie kinderen met ieder uitgesproken kenmerken die tot de verbeelding spreken. Van der Horst als Jaak, die door zijn aanstekelijke enthousiasme en geestdrift een waarachtig stoere jongste is. De aandoenlijke Valentijntino die bemiddelt en de harmonie wil bewaren, en Esmaraldadina, een tabletverslaafde oudste zus die een beetje dominant is, maar voor iedereen het beste wil. Als ze gaan staken zijn ze vastberaden en eensgezind, uiteindelijk tenminste, want de strijd tussen de oudste en de jongste kan niet onbelicht blijven. Het vertelperspectief in de derde persoon schept ergens enige afstand, maar is ook herkenbaar als kinderen hun spel of vertelling samen vorm geven.

Het geheel ondersteund door bestaande muziek van onder andere Bach en Händel en nieuwe composities door Judith en Tineke Steenbrink en van der Horst, die een harmonieus geheel vormen met het spel, de tekst van Freek Vielen en de illustraties van Catharina Scholten. De choreografieën van Pim Veulings verwerkt in de voorstelling zijn innemend en kloppend, vooral de haka die ze met zijn drieën doen om de draak te verslaan is indrukwekkend. Bovendien worden alle rekwisieten vernuftig ingezet als muziekinstrument, kledingstuk of gebruikt in een choreografie.

Het is een muzikaal levendige, virtuoze en betoverende voorstelling met een uitgesproken helderheid. De regisseuse Ria Marks heeft met de veelheid aan elementen een prachtig geheel gesmeed en de mogelijke overdaad tot een overzichtelijke en transparante voorstelling teruggebracht waardoor alles op zijn plek valt.

foto’s Ben van Duin

https://www.orkater.nl/voorstelling/de-pindakaasprins

DE PINDAKAASPRINS IS VERRASSEND DYNAMISCH

CRAZY LOVE VAN ORKATER EN THEATER BELLEVUE

Gezien: 19 december 2015 Toneelschuur Haarlem

crazy_poster_web1 (1)

Een rommelig decor met omgevallen meubilair, een verlaten kledingrek, een bureau met typemachine en veel drank heet ons welkom bij binnenkomst. Het decor lijkt eerder een einde van een voorstelling dan een begin. De voorstelling Crazy Love start met een jaren ’50 film, geprojecteerd op de achterwand. Tijdens de film komen Ria Marks en Titus Tiel Groenestege op en ze ordenen het decor, trekken een jas aan ten teken dat ze vertrekken. Ze vertrekken waar het verhaal in de film eindigt, bij een ijzingwekkende gil van een vrouw die iets afgrijselijks overkomt, en nemen ons mee in een intrigerend waargebeurd verhaal over een liefde in de tijdsgeest van toen.

Crazy Love is een energieke vertelling

Het waargebeurde verhaal van Linda Riss en Burt Pugach heeft eind jaren ’50 maandenlang de krantenkoppen beheerst in New York. Marks vertelt over de ervaringen van Linda en de keuzes die ze maakt. Ze speelt daarnaast Linda op een energieke, sensuele manier en laat zien wat haar keuzes en handelingen voor gevolgen hebben. Tiel Groenestege vertelt over Burt en zijn beweegredenen en geeft hem dan vorm op een geloofwaardige menselijke manier. Als Linda verneemt dat Burt een vrouw en kind heeft verlaat ze hem. Burt ’s obsessie voor Linda neemt groteske vormen aan, hij kan het niet aan dat zij hem niet toebehoort. Zij reist af naar Florida en bij terugkomst in New York kondigt ze de verloving aan met haar nieuwe geliefde. Dit nieuws is voor Burt niet te verkroppen en dit betekent het einde.

Ondanks de heftigheid van het verhaal valt er veel te lachen door het geestige, soms absurdistische en zeer geloofwaardige spel. De onvoorspelbaarheid van het verhaal zit in de vormgeving van de karakters, het overkomt Marks en Tiel Groenestege ter plekke wat de kracht is van het stuk ondanks de gedeeltelijke vertellersrollen.

Het spel van Marks en Tiel Groenestege sluit naadloos aan op de geprojecteerde filmbeelden en op de muziek. Het is een goed lopende eenheid en de twee acteurs zijn onderdeel van de filmbeelden en andersom. De choreografieën die in het spel zijn verwerkt zijn dynamisch en heel creatief ingepast in de filmbeelden. De lifts zijn sterk en Marks lenigheid is opvallend. Ze is als een veertje in de handen van Tiel Groenestege. Het decor wordt heel fantasierijk benut en doet dienst als kantoor, nachtclub, woning en rechtszaal als Burt wordt berecht voor zijn daden.

Ondanks de belofte van het onheilspellende begin zit er een zacht einde aan het geheel wat een ontroerend slotbeeld geeft.

Fantastische chemie tussen Marks en Tiel Groenestege

Over de chemie tussen Marks en Tiel Groenestege is veel geschreven naar aanleiding van de trilogie Valse Wals-Bankstel-Zucht, die ik helaas zelf niet heb gezien. In de voorstelling Crazy Love passen ze wederom ongekend goed bij elkaar. Het doet me denken aan een beeld in de voorstelling waar de jas die Linda uitkiest, uit het aanbod van Burt, perfect bij haar past. De jas die ze kiest accentueert haar goed gevormde lichaam, de kleur flatteert en de stof geeft haar plezier. Zo passen deze twee acteurs bij elkaar, één en al aanvulling.

Het sterke fysieke spel en krachtige dialogen met veel, soms bittere, humor is de kern van deze voorstelling Crazy Love. De visuele en auditieve kadootjes maken het geheel, naast bizar en verrassend, zeer rijk. Dit verhaal zit Marks en Tiel Groenestege als gegoten.

https://www.orkater.nl/voorstelling/crazy-love

CRAZY LOVE VAN ORKATER EN THEATER BELLEVUE