DE KERSENTUIN VAN NTGENT

gezien: 22 december 2015 Stadsschouwburg Amsterdam

img3385_31

Is de bedoeling van theater dat je achterover in je stoel wordt gedrukt van ontroering of anderszins geëmotioneerd moet zijn of mag het ook zo zijn dat je uitgenodigd wordt om op het puntje van je stoel te gaan zitten omdat je in verwarring bent en het wil begrijpen. Dit is wat De Kersentuin van NTGent, geregisseerd door Johan Simons, met me doet afvragen, mede door de gesprekken die ontstaan in de foyer.

De Kersentuin is het laatst geschreven stuk van Anton Tsjechov en kondigt een nieuw tijdperk aan. Het nieuwe tijdperk in beeld gebracht door de afbraak van het oude landgoed en de opbouw van iets nieuws. Decorontwerper Muriel Gerstner heeft dit getoond door restanten van de muren van het oude landgoed te laten staan met nog een restje behang van de kinderkamer en planken die staan te wachten op een nieuwe bestemming. Het oude en het nieuwe tijdperk worden respectievelijk vertegenwoordigt door Ranevskaja (Elsie de Brauw), de landeigenares en Lopachin (Pierre Bokma), een koopman die is opgeklommen vanuit een boerenachtergrond en heldere plannen heeft met het landgoed. Ranevskaja dompelt zich onder in wanhoop en schuldgevoel en verlangt naar vergeving, maar toont geen interesse in wat voor oplossing ook die geboden wordt het landgoed te redden.

Alle personages houden vast aan wat zij kennen en/of willen, iedereen wentelt zich in zijn eigen verlangen waardoor de personages weinig tot geen verbinding met elkaar krijgen en daardoor kan ik ook moeilijk verbinding met ze maken. Sentiment en gevoeligheid zijn uit deze regie van Simons verdwenen en het is eerder een politiek geëngageerd stuk geworden. Door de afstand die dit geeft moet ik een beweging naar voren maken om ze te begrijpen en me te verbinden. Ik word niet hevig ontroerd of geconfronteerd met mijn gevoelens, maar wel wakker gemaakt in mijn gedachten over wat geld met mensen doet, wat macht is en hoe we met mensen omgaan als (nieuw) geld regeert. Ook denk ik na over hoe patronen in een mens vast gaan zitten en we om elkaar heen blijven draaien en toch vurig verlangen naar verandering. In het decor worden ze voortdurend met elkaar en hun patronen geconfronteerd omdat ze maar een meter diepte hebben om in te spelen. Ze zitten letterlijk vast in een kader.

De Kersentuin is oorspronkelijk bedoeld als komedie met elementen van een klucht en in de eerste regie van Stanislavski werd het als drama gebracht. Simons heeft de kluchtelementen behouden waardoor er veel te lachen valt. Door de onnavolgbare timing en virtuositeit van Bokma en de tegenkleur van de eigen wereld waarin de Brauw zich bevindt als Ranevskaja valt alles op zijn plaats. De rest van de cast staat ook als een huis. Vooral Benny Claessens als Trofimov, die als revolutionair pogingen doet de rest een spiegel voor te houden, maakt op mij diepe indruk.

Deze regie van de Kersentuin deed de gemoederen zoals gezegd flink oplaaien in de foyer. Van ‘de slechtste Kersentuin ooit’ tot ‘formidabel’ en ‘fantastisch’. Voor mij is deze voorstelling als een goed boek dat ik af en moet neerleggen om het te laten bezinken. Het is niet kant-en-klaar helder wat ik ervan vind of duidelijk op wat voor gebied ik word aangesproken. Dit kan in de tijd doorwerken en ik kom tot de conclusie dat ik niet altijd diep geroerd de zaal hoef te verlaten, ook al houd ik daar wel erg van. Deze voorstelling De Kersentuin van NTGent doet een beroep op iets anders en dat beroep wordt boeiend en overtuigend gedaan. Als theaterliefhebber is deze voorstelling De Kersentuin alleen al voor het formidabele acteerwerk een aanrader!

http://www.ntgent.be/nl/productie/de-kersentuin

DE KERSENTUIN VAN NTGENT

CRAZY LOVE VAN ORKATER EN THEATER BELLEVUE

Gezien: 19 december 2015 Toneelschuur Haarlem

crazy_poster_web1 (1)

Een rommelig decor met omgevallen meubilair, een verlaten kledingrek, een bureau met typemachine en veel drank heet ons welkom bij binnenkomst. Het decor lijkt eerder een einde van een voorstelling dan een begin. De voorstelling Crazy Love start met een jaren ’50 film, geprojecteerd op de achterwand. Tijdens de film komen Ria Marks en Titus Tiel Groenestege op en ze ordenen het decor, trekken een jas aan ten teken dat ze vertrekken. Ze vertrekken waar het verhaal in de film eindigt, bij een ijzingwekkende gil van een vrouw die iets afgrijselijks overkomt, en nemen ons mee in een intrigerend waargebeurd verhaal over een liefde in de tijdsgeest van toen.

Crazy Love is een energieke vertelling

Het waargebeurde verhaal van Linda Riss en Burt Pugach heeft eind jaren ’50 maandenlang de krantenkoppen beheerst in New York. Marks vertelt over de ervaringen van Linda en de keuzes die ze maakt. Ze speelt daarnaast Linda op een energieke, sensuele manier en laat zien wat haar keuzes en handelingen voor gevolgen hebben. Tiel Groenestege vertelt over Burt en zijn beweegredenen en geeft hem dan vorm op een geloofwaardige menselijke manier. Als Linda verneemt dat Burt een vrouw en kind heeft verlaat ze hem. Burt ’s obsessie voor Linda neemt groteske vormen aan, hij kan het niet aan dat zij hem niet toebehoort. Zij reist af naar Florida en bij terugkomst in New York kondigt ze de verloving aan met haar nieuwe geliefde. Dit nieuws is voor Burt niet te verkroppen en dit betekent het einde.

Ondanks de heftigheid van het verhaal valt er veel te lachen door het geestige, soms absurdistische en zeer geloofwaardige spel. De onvoorspelbaarheid van het verhaal zit in de vormgeving van de karakters, het overkomt Marks en Tiel Groenestege ter plekke wat de kracht is van het stuk ondanks de gedeeltelijke vertellersrollen.

Het spel van Marks en Tiel Groenestege sluit naadloos aan op de geprojecteerde filmbeelden en op de muziek. Het is een goed lopende eenheid en de twee acteurs zijn onderdeel van de filmbeelden en andersom. De choreografieën die in het spel zijn verwerkt zijn dynamisch en heel creatief ingepast in de filmbeelden. De lifts zijn sterk en Marks lenigheid is opvallend. Ze is als een veertje in de handen van Tiel Groenestege. Het decor wordt heel fantasierijk benut en doet dienst als kantoor, nachtclub, woning en rechtszaal als Burt wordt berecht voor zijn daden.

Ondanks de belofte van het onheilspellende begin zit er een zacht einde aan het geheel wat een ontroerend slotbeeld geeft.

Fantastische chemie tussen Marks en Tiel Groenestege

Over de chemie tussen Marks en Tiel Groenestege is veel geschreven naar aanleiding van de trilogie Valse Wals-Bankstel-Zucht, die ik helaas zelf niet heb gezien. In de voorstelling Crazy Love passen ze wederom ongekend goed bij elkaar. Het doet me denken aan een beeld in de voorstelling waar de jas die Linda uitkiest, uit het aanbod van Burt, perfect bij haar past. De jas die ze kiest accentueert haar goed gevormde lichaam, de kleur flatteert en de stof geeft haar plezier. Zo passen deze twee acteurs bij elkaar, één en al aanvulling.

Het sterke fysieke spel en krachtige dialogen met veel, soms bittere, humor is de kern van deze voorstelling Crazy Love. De visuele en auditieve kadootjes maken het geheel, naast bizar en verrassend, zeer rijk. Dit verhaal zit Marks en Tiel Groenestege als gegoten.

https://www.orkater.nl/voorstelling/crazy-love

CRAZY LOVE VAN ORKATER EN THEATER BELLEVUE

DE ACHTERKANT GESPEELD DOOR THEATERGROEP DE WARME WINKEL

Achterkant_2_Sofie-Knijff

De vier uur durende reis en zoektocht achter de schermen van de voorstelling Lange dagreis naar de nacht van Toneelgroep Amsterdam is een meesterlijke onderneming. De locatie aan de achterkant van het toneel wordt gebruikt door Ward Weemhoff en Vincent Rietveld van de Warme Winkel om te ontdekken wat de essentie en schoonheid van toneel en kunst an sich is. Als understudy’s van Ramsey Nasr en Roeland Fernhout nemen zij met een vet accent de gevestigde orde op de hak of hemelen deze juist op. Het verafgoden van onze iconen in de toneelwereld is iets wat opbouwend en afbrekend werkt en zij laten knap zien hoe. Gistermiddag 6 december was ik erbij.

De Warme Winkel werd in 2015 met de voorstelling Gavrilo Princip geselecteerd voor het Theaterfestival en Ward Weemhoff werd genomineerd voor de Arlecchino voor zijn rol in die voorstelling.

De warme winkel heeft een missie met De Achterkant

Op de website van de Warme Winkel vind ik terug dat zij ongepolijst, maar met liefde voor precisie, voorstellingen maken die vaak een zoektocht zijn naar het onderwerp. Zo proberen in een speelse, geestige en zware strijd de essentie en schoonheid ervan voor het voetlicht te brengen. De liefde voor geschiedenis die De Warme Winkel daarnaast uitdraagt past voortreffelijk bij de voorstelling aan de voorkant waarin de geschiedenis van de personages als een molensteen om hun nek hangt.

De Achterkant speelt zich af in de laadruimte achter het podium van de Grote Zaal in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Door een raam zien we een deel van het podium en wat zich daar afspeelt. Af en toe horen we technici iets zeggen door de intercom en we kijken een deel van Lange dagreis naar de nacht mee geprojecteerd op een roldeur. Gretig voorzien zij de regie, de acteurs en technici van feedback.

De geschiedenis is aan de Achterkant een inspiratiebron en onderdeel van de zoektocht. ‘Het gaat om het zoeken, zoeken, zoeken,’ zegt Rietveld in een monoloog. Tijdens De Achterkant sluit alles naadloos aan met de voorkant. Gijs Scholten van Aschat, de tank zoals Weemhoff en Rietveld hem onder andere noemen, loopt regelmatig langs en bekijkt de jongens kritisch. Er is langer bezoek van Marieke Heebink wat een ontroerende blik geeft op Weemhoff en Rietveld en ik voel dat schoonheid, verafgoding en waarachtigheid hand in hand kunnen gaan. Bovendien is het zeer geestig en voel ik veel respect voor het combineren van de twee voorstellingen.

Door te grote ego’s kunnen dingen stuk gaan wordt duidelijk in de voorstelling. Dat is niemand vreemd, maar de manier waarop zij het ons tonen is ontnuchterend en zinvol. Door te vertellen over de begrafenis van Jeroen Willems en hoe waarachtigheid en schoonheid terug te voeren zijn op het aanwezig zijn in het nu is pijnlijk treffend. In het pauzenummer laten zij in ons in een absurdistische choreografie zien hoe we onszelf in verschillende cycli steeds opnieuw kunnen uitvinden.

De voorstelling is hilarisch, ontroerend en soms vilein waarbij Weemhoff en Rietveld spelen met de reikwijdte van ethische grenzen. Maar dat brengt ons wel tot de essentie van de magie van het theater en is voor mij de missie geslaagd. Ik ga herboren de deur uit.

Er zijn nog beperkt kaarten beschikbaar:

http://www.dewarmewinkel.nl/schedule/index/?page=speellijst&evt_id=27

 

DE ACHTERKANT GESPEELD DOOR THEATERGROEP DE WARME WINKEL

LANGE DAGREIS NAAR DE NACHT VAN TONEELGROEP AMSTERDAM

lange dagreis foto 3

Als de vier meesterlijke acteurs in Lange dagreis naar de nacht samen het nummer ‘I’ll be home’ van Randy Newman zingen gaan de rillingen over mijn rug. Ze uiten het verlangen naar een thuis wat ze elkaar willen bieden. Tegelijkertijd hoor en zie je de bittere wanhoop omdat het ze niet lukt. James, vertolkt door Gijs Scholten van Aschat, gelooft volgens Mary, gespeeld door Marieke Heebink, nog steeds dat het zomerhuis een thuis is. Zoals het gezin wel meer dingen wil geloven die er niet zijn. Ze bevechten de demonen die dat geloof in de kiem smoren zodra ze elkaar, aan het begin van de voorstelling, loslaten uit een innige omhelzing.

Hoop en liefde houden de Tyrones bij elkaar

De première van Lange dagreis naar de nacht vond plaats in 2013 en dit is de derde keer dat Toneelgroep Amsterdam deze voorstelling op het toneel brengt en gisteravond, 4 december, was ik erbij in de Stadsschouwburg in Amsterdam. Roeland Fernhout en Ramsey Nasr spelen respectievelijk Edmund en Jamie, de zonen van James en Mary Tyrone die er met elkaar niet in slagen het verleden te laten voor wat het is. Het verleden is het heden en de toekomst, verwoordt Mary treffend. Mary kampt met een morfineverslaving sinds de geboorte van Edmund. Als hij niet geboren was, was het allemaal anders geweest. Niemand kan er iets aan doen dat het verleden hen zo gemaakt heeft, desondanks geven ze elkaar overal de schuld van en in dezelfde zin ontkennen ze alles weer. Behalve Jamie die het meest direct is en alle precaire details op tafel legt. Hij spaart zichzelf niet, de duistere uithoeken van zijn ziel laat hij kennen in de hartbrekende en heftige waarschuwing voor zichzelf aan het adres van zijn broertje Edmund.

De drie heren van het gezin kampen met een alcoholverslaving. Allemaal hebben zij hun geesten uit het verleden te verdrijven, maar de hoop op verbetering en het verlangen naar elkaar vanuit liefde voert de boventoon. De lange wenteltrap in het toneelbeeld, die Mary steeds moeizamer beklimt om haar shot te halen en tussen de geesten te verblijven, is voor mij symbool voor het sterven. Ze zou nooit bewust een einde aan haar leven maken, maar ze wenst vurig dat de eenzaamheid ophoudt. De façade put haar uit. Edmund zal binnenkort sterven aan tuberculose wat de genadeslag is voor Mary. De diepgang en de nuances in de nervositeit en radeloosheid van Mary die Heebink aanbrengt zijn ontroerend en messcherp. Ik zal het beeld van Mary die de trap afdaalt verkerend in een andere wereld niet snel vergeten. Aangrijpend tot op het bot.

Verlangen naar verlossing

In de eenvoudige enscenering is letterlijk geen enkele uitweg uit de situatie en figuurlijk worden ze zo hevig door hun angsten en mislukkingen op de hielen gezeten dat ze niet meer kunnen stilstaan en bezinnen. De woordenstroom die alle nabijheid en zelfreflectie in de weg staat laat het gezin verdrinken in hun eigen geschiedenis. Doordat het decor sober is en er geen wisselingen zijn komt alles aan op het talent en kracht van de acteurs. Het tempo, het ritme van de tekst en het uithoudingsvermogen van de acteurs zijn fenomenaal.

Scholten Van Aschat laat mij met de monoloog van James in de val trappen die hij plaatst om zijn straatje schoon te vegen. Deze sublieme acteur laat me, ondanks de zwaarte van het geheel, ook regelmatig lachen om de botheid, onwetendheid en onverschilligheid van James. Nasr wijst me met zijn intelligente, geestige spel en stekelig cynisme van Jamie op alle trucjes en Fernhout pakt me in als gevoelige, melancholische dichter die voortdurend de verbinding zoekt in het zien en gezien willen worden. De nabijheid die Edmund zoekt sijpelt uit iedere porie van Fernhout. Ten slotte wordt de fysieke en emotionele aftakeling van Mary, in deze lange dagreis naar de nacht, volmaakt gespeeld door Heebink. Een juweel van een voorstelling waarin de verlossing een verlangen blijft.

Geschreven door Eugene O’Neill en geregisseerd door Ivo van Hove.

http://tga.nl/voorstellingen/lange-dagreis-naar-de-nacht/speellijst

LANGE DAGREIS NAAR DE NACHT VAN TONEELGROEP AMSTERDAM

I’M HERE & ÁLBUM FAMILIAR VAN CONNY JANSsEN DANST

im-here-album-familiar-van-conny-janssen-danst-zet-de-actualiteit-in-een-akelig-helder-daglicht-350x350

Conny Janssen combineert twee eerdere choreografieën uit haar repertoire in de avondvullende dansvoorstelling die ik gisteravond, 30 november, zag in de Stadsschouwburg Amsterdam. Voor deze dansvoorstelling heeft Janssen de oorspronkelijke werken I’m Here (2005) en Álbum Familiar (2001) met de ogen van nu bekeken en geactualiseerd. In I’m Here tonen dertien dansers de kille en harde werkelijkheid van het stadsleven waar het onderlinge contact moeizaam verloopt, terwijl in Álbum Familiar de warmte en het menselijke contact vanzelfsprekend zijn en centraal staan. Dit grote contrast roept bij mij vragen op over onze huidige maatschappij.

Het menselijk vermogen tot contact belicht in uitersten in I’m Here & Album Familiair

Het afstandelijke koude stadsleven weergegeven in banen van tl-licht verbeeldt als een snelweg in de verte waar mensen langslopen. Als ze elkaar passeren houden ze elkaars blik even vast of ze kijken ongezien de ander na. Soms laten ze kort iets van zichzelf zien in een solo om vlug weer door te lopen. De dertien dansers geven de angst en de afstandelijkheid weer in de dans. Ze reiken uit in prachtige lange lijnen om vervolgens ineen te krimpen. De muziek is mechanisch, soms sinister en af en toe horen we een hond blaffen in de verte. De projecties op de achtergrond geven een donker beeld van de stad. Toch ontstaat er af en toe contact. Ze vormen samen letterlijk en figuurlijk een geoliede machine die de stad laat functioneren. Als de mechanische muziek overgaat op The Hours van Philip Glass bereikt I’m Here zijn hoogtepunt. De onzichtbare muur gaat omver, de strijd lijkt voorbij en de dansers zijn op hun sterkst met elkaar en één met de muziek.

De rode gloed die na de pauze onder het gordijn vandaan straalt geeft direct een intieme sfeer. Als de gordijnen open gaan zien we een danslokaal met stoelen om de dansvloer en aan de wand vele foto’s. Het contact en de intimiteit tussen de dansers is vanzelfsprekend en de ontroerend kwetsbare stem van Beppe Costa, die live onder andere eigen nummers speelt, maakt het nog intiemer. Zijn Italiaanse klanken zijn uitnodigend voor de dansers. Het maakt ze flirterig en speels. De interactie met Costa is geestig en warm. De muziek is vrij en de dansers zijn vrij en willen dit delen met elkaar. Ze genieten van de dans en de muziek in prachtige duetten die steeds een glimlach los maken. Het virtuoze duet tussen de mannen was voor mij het hoogtepunt, een streling voor het oog en de ziel.

Janssen laat menselijk contact abstract en intiem zijn

Voor mij is de danstaal van Conny Janssen Danst vooral krachtig en dynamisch. De diversiteit van de dansers vertegenwoordigt de maatschappij en dat zorgt ervoor dat ik mee kan leven met de barrières die de personages te overwinnen hebben in de stad. Soms met een kleine kwetsbare beweging van een hand of een harde duw in de rug wordt direct het groepsproces helder gemaakt. Het is een voortdurend aantrekken en afstoten en de abstractie van de machine waarbij geen intiem contact nodig is wordt de veiligste manier van functioneren. Daartegenover staan de onzekerheid van het leven en het speelse van die ontdekkingsreis waarin je met elkaar herinneringen verzameld, weergegeven op de foto’s aan de wand. De dansers blijven krachtig, maar nu met een zacht randje. Er is ruimte en adem in de bewegingen waarin ze zichzelf durven te tonen.

We maken met elkaar geschiedenis, op een afstandelijke rauwe manier of op een intieme wijze. Wat voedt ons en waar kijken we met de meeste voldoening op terug. We hebben het nodig dat onze maatschappij functioneert als een goed lopende machine, maar dit kan niet zonder persoonlijk en intermenselijk contact en bovendien hoeft intimiteit niet vermeden te worden. Juist door die intimiteit worden we in onze kern geraakt en dat zorgt voor een liefdevoller en geestiger geheel.

http://www.connyjanssendanst.nl/voorstelling/im-here-album-familiar-2/

I’M HERE & ÁLBUM FAMILIAR VAN CONNY JANSsEN DANST